Pieter Caland

Wie was Pieter Caland?

Het Calandlyceum is vernoemd naar Pieter Caland, een ingenieur uit Zierikzee. Hij leefde van 1826 tot 1902. Caland, werkzaam bij de waterstaat in Zeeland, bestudeerde zeearmen en benedenrivieren toen hij in Brielle was gestationeerd. Ook bezocht hij Engeland en Frankrijk.

In 1857 werd Pieter Caland secretaris van de ‘Raad van den Waterstaat’, die in 1863 te maken kreeg met het plan om de waterweg van Rotterdam naar de Noordzee te verbreden. Caland werd benoemd tot ingenieur-directeur van dat project en bleef tot 1877 verantwoordelijk voor de aanleg van de Nieuwe Waterweg. Na het verzanden van de Brielse Maas had Rotterdam slechts via een grote omweg verbinding met de Noordzee. Het kanaal door Voorne (gegraven in 1830) bleek te smal voor grote schepen, zodat er een nieuwe verbinding moest komen om de toekomst van de Rotterdamse haven veilig te stellen. Caland verzon een bijzondere oplossing: hij ging er van uit dat een gegraven kanaal op natuurlijke wijze op diepte gehouden kon worden. Zo zou het probleem van verzanding voor altijd worden opgelost.

Rotterdam, later uitgegroeid tot een van de grootste havens ter wereld, heeft zijn verbinding met de zee dus voor een belangrijk deel te danken aan Pieter Caland.

Later, in 1881, werd Caland bevorderd tot hoofdinspecteur en belast met de Algemene Dienst. Op verzoek van de Braziliaanse regering deed hij in 1885 onderzoek naar de verbetering van de Rio Grande. Hiervoor ontving hij het erelidmaatschap van het Braziliaanse Instituut van Ingenieurs.

Pieter Caland overleed in juni 1902 te Wageningen. Dit was zijn aktetas.